In 't Veen Advocaten
.
.
.
.
.
.
.

Vergeten boodschappen af te rekenen: winkeldiefstal of niet?

De heer X bevindt zich in een supermarkt bij de kassa om zijn boodschappen af te rekenen. Hij haalt zijn boodschappen uit zijn boodschappentas en betaalt zijn boodschappen aan de caissière. De heer X verlaat de kassa en wordt vervolgens in zijn kraag gevat door de manager van de supermarkt.

De manager beticht de heer X ervan dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan winkeldiefstal omdat zich in de tas nog meer boodschappen zouden bevinden die hij niet heeft afgerekend. De heer X kijkt in zijn boodschappentas en warempel, de manager heeft gelijk, hij heeft een aantal boodschappen niet afgerekend. De heer X stelt dat hij simpelweg vergeten is deze boodschappen uit zijn tas halen en dat hij alsnog de boodschappen wil betalen, maar de manager wil hier niets van weten en belt de politie.

verklaring bij de politie

De heer X moet mee naar het politiebureau en verklaart in zijn verhoor dat hij in de rij voor de kassa bemerkte dat hij zijn autosleutels kwijt was. Toen hij moest afrekenen was hij hiermee nog steeds bezig in zijn gedachten, wat volgens de heer X de reden moet zijn geweest dat hij niet alle boodschappen uit zijn boodschappentas heeft gepakt. Met andere woorden, hij was er even niet ‘bij’. De heer X verklaart verder dat hij de onbetaalde boodschappen meteen alsnog wilde betalen, maar dat de manager van de supermarkt daarmee niet akkoord ging.

De verklaring wordt uitgeprint en ondertekend door de heer X, waarna hij van de verbalisant te horen krijgt dat hij van de officier van justitie zal gaan vernemen hoe zijn zaak verder zal gaan verlopen.

strafbeschikking

Twee weken later ontvangt de heer X van de officier van justitie een zogenoemde strafbeschikking. Hierin staat vermeld dat de officier van justitie aan de heer X een geldboete oplegt van € 220,-- omdat hij zich schuldig heeft gemaakt aan winkeldiefstal. De heer X schrikt hiervan enorm: 'ik ben geen dief, nooit geweest, maar toch beschuldigt de officier van justitie mij van winkeldiefstal'.

De heer X besluit gebruik te maken van de mogelijkheid tegen de strafbeschikking binnen veertien dagen verzet aan te tekenen. In zijn verzetschrift geeft de heer X aan dat hij niet eens is met de aan hem opgelegde geldboete om dat hij zich niet schuldig heeft gemaakt aan winkeldiefstal om de redenen die hij heeft gegeven bij de politie.

Door het indienen van een verzetschrift dient de officier van justitie zijn of haar beslissing te gaan heroverwegen. Echter, in de meeste gevallen zal de zaak aan de politierechter worden voorgelegd omdat de officier van justitie haar of zijn standpunt niet wijzigt. Zo ook in de zaak van de heer X.

politierechter

De officier van justitie dagvaardt de heer X om voor de politierechter te verschijnen op verdenking van winkeldiefstal. De heer X besluit dat het nu tijd is een advocaat in te schakelen. Voor de politierechter bepleit de advocaat dat het de heer X niet het opzet had de boodschappen die hij niet heeft betaald daadwerkelijk mee te nemen zonder daarvoor te betalen. Uiteraard was het niet handig van de heer X zijn boodschappen in een boodschappentas te doen, omdat je dan al heel snel de schijn tegen kan hebben dat je wel stiekem hebt geprobeerd boodschappen mee te nemen zonder te betalen. Immers, boodschappen die je niet afrekent, verberg je gemakkelijker in een tas dan in een winkelmandje.

De advocaat verwijst naar de verklaring die de heer X bij de politie heeft afgelegd, namelijk dat de heer X even niet met zijn gedachten erbij was omdat de hij zijn autosleutels kwijt was. Daarnaast zijn er geen omstandigheden te benoemen waaruit volgt dat de heer X daadwerkelijk de boodschappen die hij niet had afgerekend, wilde stelen. Zo bepleit de advocaat dat er geen camerabeelden zijn waarop waarneembaar is dat de heer X zich ‘verdacht’ gedroeg in de supermarkt, dat hij bijvoorbeeld opzichtig om zich heen keek bij het plaatsen van de boodschappen in zijn boodschappentas. Ook zijn er geen getuigen die hierover een verklaring hebben afgelegd. Verder brengt de advocaat naar voren dat de man 58 jaar is, geen strafblad heeft en nu dus voor het eerst in aanraking komt met justitie. De heer X werkt in de beveiliging. Zal de heer X zijn werk en dus zijn verdere toekomst in de weegschaal leggen door boodschappen te stelen ter waarde van € 5,50? Want daar ging het om; de onbetaalde boodschappen bedroegen slechts € 5,50. De advocaat voert aan dat de heer X moet worden vrijgesproken omdat niet bewezen kan worden verklaard dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan winkeldiefstal.

De politierechter volgt de advocaat in zijn pleidooi. De politierechter acht het ongeloofwaardig dat de heer X de onbetaald gelaten boodschappen daadwerkelijk wilde stelen, omdat niet bewezen kan worden dat de heer X daarop opzet heeft gehad en spreekt de heer X vrij.

De heer X was erg blij met deze uitspraak. Het gevoel van aangedaan onrecht maakte plaats voor het gevoel dat er recht gesproken was.

tenslotte

Mocht u onder soortgelijke omstandigheden beschuldigd worden van winkeldiefstal, ga dan niet akkoord met de betaling van een geldboete. Immers, met deze betaling geeft u aan dat u wel schuldig bent en wordt geregistreerd dat u zich schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit (het zogeheten 'strafblad').

Wordt u ten onrechte beschuldigd van winkeldiefstal, dan kunt u met vertrouwen een beroep doen op één van de advocaten van In 't Veen Advocaten.

mr. Jeroen van der Linden

Laatst bijgewerkt: 16/11/16

mr. Jeroen van der Linden

Mr. J.M. van der Linden studeerde civiel recht en strafrecht aan de Universiteit van Leiden. Sinds 2003 is hij advocaat bij In 't Veen Advocaten. Hij treedt veelvuldig op in schuldsaneringszaken (eindzitting, tussentijdse zitting/tussentijdse beëindiging, schone lei). Voorts treeds hij veel op voor cliënten in lichte en zware strafzaken. Van der Linden is aspirant lid van de Haagse Vereniging van Jeugdrechtadvocaten.Hij ondersteune gedurende twee jaar de Rechtswinkel te Alphen aan den Rijn e.o. en geeft advies aan studenten bij de Leidse Kinderrechtswinkel.

Op de inhoud van deze pagina en op het gebruik van deze website zijn algemene voorwaarden van toepassing.

Doorzoek de site

Publicaties van mr. Jeroen van der Linden



Bewindvoerder nalatig door aanvraag beschermingsbewind niet “nauwgezet te monitoren”
Toch (onder omstandigheden) een 'schone lei' indien de bewindvoerder tekortschiet in zijn verplichting te monitoren of, zoals door de rechtbank geïnstrueerd, de schuldenaar beschermingsbewind heeft aangevraagd.

Vergeten boodschappen af te rekenen: winkeldiefstal of niet?
Per ongeluk boodschappen niet afgerekend; maakt iemand dat een winkeldief? Moet een toegezonden strafbeschikking worden betaald?

Het beklagrecht voor gedetineerden
Een gedetineerde heeft binnen een penitentiaire inrichting (huis van bewaring en gevangenis) het recht in beklag te gaan tegen een beslissing die de directeur van de inrichting tegen hem heeft genomen.

Het vereiste van de goede trouw om toegelaten te worden tot de wettelijke schuldsaneringsregeling
Wat houdt het begrip 'te goeder trouw' in bij de vraag of iemand kan worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling?

De sollicitatieplicht in de wettelijke schuldsaneringsregeling
Welke regels gelden voor de sollicitatieplicht in de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp)?

Is verlenging mogelijk na einde van de schuldsaneringstermijn?
Hoge Raad: de beslissing de termijn van de wettelijke schuldsaneringsregeling te verlengen, kan ook nog worden genomen na het moment waarop de termijn van drie jaar van de schuldsaneringsregeling afloopt.

Het inlopen van een boedelachterstand in de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP)
De schuldenaar is verplicht gedurende de looptijd van de wettelijke schuldsaneringsregeling iedere maand al zijn inkomsten boven het “vrij te laten bedrag” over te maken op de boedelrekening. Dit wordt de maandelijkse “boedelafdracht” genoemd.

Ontnemingsvordering in het strafrecht
De officier van justitie kan een ontnemingsvordering bij de rechter indienen wanneer hij iemand ervan verdenkt een strafbaar feit te hebben gepleegd waarbij geldelijk gewin is behaald.

Meer...