In 't Veen Advocaten
.
.
.
.
.
.
.

Contracteren via internet: enige wenken op bewijsrechtelijk gebied

Tegenwoordig worden veel overeenkomsten via internet gesloten. Consumenten kopen producten via webshops, boeken een reis of schrijven zich in voor een cursus. Maar wat nu als je een factuur krijgt voor iets wat je nooit hebt besteld? Of als je klant weigert te betalen omdat hij zegt nooit iets te hebben besteld?

De voorgaande vragen bevinden zich op het terrein van het bewijsrecht. Maar om een en ander goed te kunnen doorgronden, is het noodzakelijk eerst even kort het contractenrecht in te duiken.

wanneer komt een overeenkomst tot stand?

Als je op internet iets koopt of je, tegen betaling, ergens voor inschrijft, sluit je een overeenkomst. De wet omschrijft in artikel 6:213 van het Burgerlijk Wetboek een overeenkomst als een "meerzijdige rechtshandeling, waarbij een of meer partijen jegens een of meer andere een verbintenis aangaan". Artikel 6:217 van het Burgerlijk Wetboek bepaalt vervolgens wanneer een overeenkomst tot stand komt, namelijk "door een aanbod en de aanvaarding daarvan".

Voordat we daarop verder kunnen borduren, moeten we even een uitstapje maken naar boek 3 van het Burgerlijk Wetboek. In artikel 3:33 van het Burgerlijk Wetboek staat namelijk wanneer sprake is van een rechtshandeling, namelijk: een rechtshandeling vereist een op rechtsgevolg gerichte wil die zich door een verklaring heeft geopenbaard. Het aanbod en de aanvaarding daarvan, waarmee een overeenkomst tot stand komt, zijn voorbeelden van rechtshandelingen.

Meer concreet: je wilt een mooie nieuwe koekenpan kopen voor je moeder die zo van koken houdt, maar omdat jij niet zo van shoppen houdt, begeef je je niet naar de winkel, maar ga je op internet zoeken. Al snel kom je uit op een aantrekkelijk ogende website waar ogenschijnlijk zeer goede koekenpannen worden verkocht. Je treft daar een mooi exemplaar aan dat heel geschikt zal zijn voor je moeder voor een bedrag van 50 euro. Dat is het aanbod dat wordt gedaan door de verkoper van de koekenpannen. Het is een rechtshandeling, want als jij besluit het aanbod te aanvaarden, komt een overeenkomst tot stand. De verkoper heeft dus een op rechtsgevolg gerichte wil (namelijk: het aan jou verkopen van de koekenpan) geopenbaard door een verklaring (namelijk: de aantrekkelijke omschrijving compleet met mooie plaatjes op de website, met vermelding van de prijs).

Je klikt de koekenpan aan, die in het virtuele winkelmandje verdwijnt, en klikt op de knop 'afrekenen'. Je vult de nodige gegevens in, kiest als betaalwijze "factuur bij aflevering" en klikt uiteindelijk op de knop 'bestelling afronden'. Daarmee heb jij ook een rechtshandeling verricht: je hebt het aanbod aanvaard. Je hebt de wil gehad een koopovereenkomst voor de koekenpan te sluiten en het invullen van het bestelformulier gevolgd door een druk op de knop 'akkoord' is te beschouwing als een verklaring van die wil.

verschil met andersoortige overeenkomsten

Typisch aan een overeenkomst die via internet gesloten wordt, is dat de juridische basisregels die gelden voor het totstandkomen van overeenkomsten weliswaar hetzelfde zijn, maar dat de contractspartijen elkaar niet spreken of zien. Dat is anders wanneer je bijvoorbeeld iets in een gewone winkel koopt.

Juist dát gegeven kan aanleiding geven tot geschillen. Het komt soms voor dat jij iets toegestuurd krijgt door een webwinkel, terwijl je daar helemaal niets besteld hebt, waarna je vervolgens ook de rekening ontvangt. Moet je dan betalen? Moet je het terugsturen?

Je hoeft alleen iets te betalen indien sprake is van een overeenkomst. Immers: je hebt dan afgesproken dat de verkoper de eigendom van het product aan jou overdraagt en dat jij in ruil daarvoor de koopprijs betaalt. Het spreekt dus voor zich dat je niets hoeft te betalen, als jij een product toegestuurd krijgt dat je niet besteld hebt. Het antwoord op de vraag of je moet betalen, luidt dus: neen.

Het antwoord op de tweede vraag, of je iets moet terugsturen wat je ongevraagd toegezonden hebt gekregen, luidt eveneens - onder bepaalde voorwaarden - neen. Dit is bepaald in artikel 7:7 van het Burgerlijk Wetboek. Dan moet het - samengevat - wel gaan om een artikel waarvan je redelijkerwijze mag aannemen dat het je is toegezonden om je tot een aankoop te bewegen. Besluit je het artikel terug te sturen, dan zijn de verzendkosten voor de partij die jou het product aanvankelijk heeft toegezonden.

en als de verkoper zich er niet bij neerlegt?

Het kan natuurlijk zijn dat je als consument het voorgaande hebt gelezen en geen actie onderneemt, waarna door of namens de verkoper betalingsherinneringen of aanmaningen worden verzonden. Ook daarop hoef je in beginsel geen actie te ondernemen, al kan het natuurlijk geen kwaad de verkoper te laten weten dat en waarom je de rekening niet zult betalen; dat scheelt mogelijk een hoop ellende. Maar wat nu als de verkoper niettemin een procedure start?

Dat is het moment dat het bewijsrecht in beeld komt. Basis voor het civiele bewijsrecht vormt artikel 150 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Samengevat bepaalt dat artikel dat degene die zich op een rechtsgevolg beroept (in dit geval: de verkoper die zich erop beroept dat je moet betalen omdat je iets besteld hebt), de feiten moet stellen die tot dat rechtsgevolg leiden (in dit geval moet de verkoper dus stellen dat jij dat product hebt besteld, ofwel dat hij een aanbod heeft gedaan dat door jou is aanvaard) en bij betwisting (dus: als jij ontkent) moet bewijzen.

Dat betekent dat de verkoper dus bij de rechtbank zal stellen dat jij het product hebt besteld. Jij hoeft het slechts te ontkennen. Dan is het aan de verkoper te bewijzen dat hij een aanbod heeft gedaan en dat dat aanbod door jou is aanvaard. Indien je niets besteld hebt, zal het de verkoper niet lukken die aanvaarding te bewijzen. De verkoper zal dan in het ongelijk gesteld worden en in de proceskosten worden veroordeeld.

Maar wat nu als de verkoper vervolgens met een internetformulier over de brug komt waarop toch echt jouw naam en adres zijn ingevuld? Dat bewijst natuurlijk nog niet dat jij de bestelling ook daadwerkelijk hebt geplaatst. Zeker zolang het gegevens betreft die betrekkelijk openbaar zijn (zoals NAW-gegevens), bewijst dat in beginsel nog niet dat jij het ook echt bent geweest die de bestelling heeft geplaatst. Het kan een kennis zijn geweest, of iemand die op een andere manier aan je gegevens is gekomen. In een winkel kom je er veelal wel met getuigenbewijs: de verkoper weet vaak nog wel of jij het was, of iemand anders, die in de winkel is geweest om een product te kopen. Die mogelijkheid bestaat niet bij een overeenkomst via internet.

Welke les kan de internetondernemer, die in dat geval eveneens gedupeerd is, daarvan leren? Samengevat dat het van belang is het internetbestelproces zo in te richten dat daadwerkelijk vaststaat dat degene aan wie het product wordt toegezonden, ook degene is met wie de overeenkomst is gesloten. Uitsluitend verlangen van openbaar beschikbare gegevens is daarvoor onvoldoende. Natuurlijk zal dat meestal goedgaan, maar op het moment dat een koper al dan niet terecht betwist het product te hebben besteld, ligt de bewijslast voor het bestaan van de overeenkomst bij de verkoper.

afsluiting

Contracteren via internet is een onderwerp waarover veel te zeggen en te schrijven valt. In dit artikel is in hoofdlijnen weergegeven hoe een en ander werkt, maar natuurlijk staan de meeste gevallen op zichzelf en zijn vele nuances denkbaar. Heb je een rekening ontvangen voor een product dat je niet hebt gekocht? Of heb je juist iets verzonden naar iemand die nu weigert de rekening te betalen? Aarzel niet om vrijblijvend contact op te nemen met ons kantoor om te bezien of wij daarin enige assistentie kunnen bieden.

mr. drs. Rieks Warendorp Torringa

Laatst bijgewerkt: 11/08/17

mr. drs. Rieks Warendorp Torringa

Mr. drs. H. Warendorp Torringa studeerde rechten en Japans aan de Universiteit Leiden. Op die universiteit is hij ook docent burgerlijk recht geweest. Na zijn afstuderen werkte hij bij een groot internationaal georiënteerd advocatenkantoor aan de Amsterdamse Zuidas. Tegenwoordig oefent hij een brede praktijk uit bij In 't Veen Advocaten, waarbij de nadruk ligt op burgerlijk recht, ondernemingsrecht en strafrecht, met een grote affiniteit met de (rechts)wetenschap. Naast advocaat is hij ook Japanoloog, ondernemer en webdeveloper.

Op de inhoud van deze pagina en op het gebruik van deze website zijn algemene voorwaarden van toepassing.

Doorzoek de site

Publicaties van mr. drs. Rieks Warendorp Torringa



Contracteren via internet: enige wenken op bewijsrechtelijk gebied
Wat als je een factuur krijgt voor een bestelling op internet die je nooit hebt geplaatst? Of als je klant weigert te betalen nadat je een via internet besteld product hebt opgestuurd omdat hij zegt nooit iets te hebben besteld?

Niet gereageerd op een dagvaarding; bij verstek veroordeeld - wat nu?
Op het moment dat de gedaagde niet op de dagvaarding reageert, verleent de rechter verstek tegen de gedaagde. Dit wil echter niet zeggen dat de gedaagde niets meer kan doen.

Huurbescherming bij de huur van woonruimte
De huurder van woonruimte wordt door de wetgever goed beschermd, maar deze bescherming is niet oneindig.

Bijstand voor de verdachte voorafgaand aan het politieverhoor
Een verdachte heeft recht op bijstand van een advocaat voorafgaand aan het politieverhoor. Veelal is deze bijstand kosteloos.

Verjaring bij vorderingen tot schadevergoeding
Zoals bij eigenlijk alle vorderingen het geval is, kan een vordering tot schadevergoeding verjaren. In dit artikel wordt op deze verjaring wat nader ingegaan.